MIXITY Walk : Oud-Molenbeek

Op een boogscheut van het centrum van Brussel ligt Oud-Molenbeek. Een eeuw geleden floreerde de industrie er, daarna volgden lange jaren van neergang. Maar het tij is langzaam weer aan het keren.
 

WEIDEN EN VELDEN ROND EEN KLOKKENTOREN

Eeuwenlang was de gemeente Molenbeek platteland. Rond 1800 woonden er slechts 1.300 zielen. Het historische hart wordt vandaag Oud-Molenbeek genoemd. Het lag op een steenworp van de tweede stadsomwalling, dus vlak bij het centrum van Brussel. De huidige Ransfortstraat was de grens tussen nat en droog Molenbeek. Aan de ene kant graasde vee in de vochtige beemden van de Zenne. Aan de andere kant werd op de flank van de vallei graan verbouwd. In de 19de eeuw moest de landbouw plaatsmaken voor industrie.

FABRIEKEN ROND HET KANAAL 

In een eeuw tijd werd Oud-Molenbeek een industrieel voorstadsgebied. De fabrieken produceerden heel uiteenlopende goederen. De metaalsector was de belangrijkste.  Daarnaast stonden bakkerijen, brouwerijen, mouterijen, textiel-, mosterd-, papier- en chemische bedrijven op elkaar gepakt. Op enkele megafabrieken na werkten ze met een gemiddelde van vijftien arbeiders en ze produceerden hoofdzakelijk voor de lokale Brusselse markt. Het leven van die arbeiders was geen pretje. Werkloosheid en armoede waren schering en inslag, en alcoholisme veroorzaakte sociale ravages. Op het einde van de 19de eeuw probeerde de overheid de organisch gegroeide stedenbouwkundige wanorde van het centrum aan te pakken. Toen werd het Gemeenteplein aangelegd en het gemeentehuis gebouwd. In 1930 realiseerde architect Joseph Diongre, ook bekend van het Flageygebouw in Elsene, de prachtige Sint-Jan-de-Doperkerk. Hij gebruikte prefab

en gewapend beton. Winkeliers vestigden zich rond dit nieuwe centrum.

DE ZWARTE JAREN 1980

Aangemoedigd door de overheid trokken de beter betaalde arbeiders en de Belgische middenklasse vanaf de ‘Golden Sixties’ weg uit Oud-Molenbeek. Ze verhuisden naar nieuwe woningen in Hoog-Molenbeek of in de groene rand rond Brussel. Gastarbeiders uit landen rond de Middellandse Zee profiteerden van de daling van de huurprijzen en betrokken de leegstaande panden. Maar toen kwam de economische crisis van de jaren 1970: bedrijven sloten de deuren en veel arbeiders werden werkloos – hun klim op de maatschappelijke ladder werd afgeremd. Er werd nog maar weinig geïnvesteerd in Oud-Molenbeek, want de mensen die er woonden hadden vaak geen stemrecht. In nauwelijks twintig jaar tijd was het volkse ‘Meulebeik’ compleet veranderd. Gelukkig kwam er reactie van onderuit. Organisaties als de Foyer en Buurthuis Bonnevie, maar ook priesters probeerden de bewoners te betrekken bij het beleid en bij de inrichting van hun buurt.

WIJKCONTRACTEN

Oud-Molenbeek heeft sinds de jaren 1990 kunnen profiteren van vijf wijkcontracten. Tijdens elk contract wordt vier jaar lang ingezet op de herwaardering van een buurt. Er kwamen nieuwe crèches, pleinen, parken, sociale woningen en woningen voor de middenklasse. Er werd ook fors geïnvesteerd in cultuur en het sociale weefsel. De veiligheid ging erop vooruit. De kleine winkels deden weer goede zaken. Opnieuw is Molenbeek in twintig jaar tijd compleet veranderd, in positieve zin deze keer. Het neemt niet weg dat er nog altijd grote uitdagingen zijn. Heel wat huizen zijn verouderd en te klein – mensen leven dicht op elkaar – en de werkloosheidscijfers zijn hoog.

 ‘DAG MONSIEUR, BONJOUR MADAME’

Oud-Molenbeek is een warm stukje Brussel. De kans is reëel dat je er op een bienvenu of een welkom à Molenbeek wordt getrakteerd. Zeg bonjour als je iemand kruist en vaak zal die man of vrouw eerst schrikken en daarna vriendelijk antwoorden. De charme van de wijk schuilt in de beleving van plekken en kleine, menselijke ontmoetingen. Bovendien staat de evolutie niet stil. Nieuwe migranten uit Zwart-Afrika en Oost-Europa vervoegen de bewoners van Maghrebijnse origine. Nogal wat middenklassenbewoners van het centrum van Brussel verhuizen naar Molenbeek. Ze kunnen er immers goedkoper wonen. Jonge bedrijven vestigen zich in de oude industriële ruimtes. Op termijn zullen nog meer mensen uit de middenklasse, toeristen, studenten of zakenreizigers naar de buurt afzakken. Vandaag is dat vooral zichtbaar aan het kanaal zelf. De kanaaloever is hip geworden!
STARTPUNT : SINT-KATELIJNE (METROLIJN 1, 5)