MIXITY Walk : Sint-Joost-ten-Noode

Sint-Joost is klein en superdivers. Er wonen 153 nationaliteiten bij elkaar en er worden 60 talen gesproken. De Europese instellingen zijn vlakbij.
 

KLEIN, JONG EN SUPERDIVERS

Het grootste gedeelte van de tijd wandelen we op het grondgebied van Sint-Joost-ten-Node. Dat is de kleinste en dichtstbevolkte gemeente van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest én ze heeft de jongste inwoners. De gemiddelde Tennodenaar is ‘amper’ 33 jaar. Maar vooral: Sint-Joost is superdivers. Er wonen 153 nationaliteiten bij elkaar en er worden 60 talen gesproken. Er zijn veel mensen van Klein-Aziatische, West-Afrikaanse en Zuid-Europese origine in Sint-Joost, maar het aandeel van onder meer Polen, Roemenen en Bulgaren wordt groter. De nabijgelegen Europese wijk en de Europese administratie die in de Madoutoren en op het Rogierplein gehuisvest is, zorgen ervoor dat er in sommige straten van Sint- Joost ook veel Europese ambtenaren rondlopen. Dat is zeker ook het geval voor de buurt van de squares, die op het grondgebied van de stad Brussel liggen.

DE 19DE EEUW

Ooit was Sint-Joost landelijk en moerassig. De kern van het dorp lag waar de Maalbeek en de aloude invalsweg vanuit Leuven naar Brussel elkaar kruisten, de buurt van het  Sint-Joostplein dus. De verstedelijking begon al relatief vroeg, in het midden van de 19de eeuw. De tracés van straten werden rechtgetrokken en opgenomen in een overzichtelijk dambordpatroon. Huizen werden opgetrokken in neoclassicistische stijl en de Maalbeek werd overwelfd. In 1853 moest Sint-Joost meer dan de helft van zijn grondgebied – de Leopoldswijk en de toekomstige Squareswijk – afstaan aan zijn buur, de ambitieuze stad Brussel.

GROEN IN SINT-JOOST

In de 15de en 16de eeuw had Sint-Joost een aantrekkelijk en vruchtbaar beeklandschap, maar vandaag is er niet zo veel groen meer in de gemeente. Gelukkig is er de Botanique, de vroegere botanische plantentuin. Die werd net als Sint-Joost zelf op een bepaald moment drastisch ingekrompen. Wat overblijft is een heel mooi stadspark in uiteenlopende stijlen, vol sculpturen en opmerkelijk groen, en een tuin vol verschillende soorten irissen – de moerasplant die het symbool werd voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Als decor fungeert het fantastische serregebouw, nu het Centre culturel Le Botanique. De Armand Steurssquare, een andere groene ruimte, werd aangelegd bovenop de overwelfde spoorlijn naar Luxemburg. Om kinderen speelruimte te bieden, werden groene îlots – binnengebieden in een verstedelijkte ruimte – vrijgemaakt en omgetoverd tot speelpark. Dat is het geval voor het Liedekerkeparkje (Sint-Jooststraat), het Sint-Franciscusparkje, de Maalbeektuin (Molenstraat) en de tuin in de Dwarsstraat.

LÉON GOVAERTS

Dat grote delen in de 19de-eeuwse gordel rond het Brusselse stadscentrum een heus openluchtmuseum van architectuurstijlen zijn, is niet alleen te danken aan grote art-nouveau-architecten als Victor Horta of Paul Hankar. Hun volgelingen waren misschien niet altijd even virtuoos en radicaal op het vlak van vernieuwing van het grondplan van woonhuizen, maar ze deelden wel de esthetische bekommernis en ontwierpen fascinerende gevels. Op heel wat plaatsen in de hoofdstad vind je bijvoorbeeld werk van Léon Govaerts, afkomstig uit Sint-Joost. Hij bouwde onder meer rond de squares, maar tekende ook het gemeentehuis. Zijn eigen woonhuis, met opvallende art-nouveaugevel, bevindt zich in de Liedekerkestraat.

VROEGER CINEMAZALEN, NU THEATERS EN JAZZ

In Sint-Joost waren vroeger verschillende cinemazalen, die ondertussen een andere functie hebben gekregen. Het bekendst is de Mirano aan het begin van de Leuvensesteenweg, nu een nachtclub. De Marignan, aan de andere kant van de straat, werd verworven door Sint-Joost, dat er een Huis van Culturen in zal onderbrengen. Sint-Joost is ook de thuisbasis van heel wat Brusselse theater- en dansgezelschappen. Sommige hebben er alleen kantoor- en repetitieruimte, andere kunnen publiek verwelkomen in hun zaal. Théâtre Le Public bijvoorbeeld, dat in de oude brouwerij Aerts in de Braemtstraat huist. En natuurlijk is er ook de Botanique, de concert- en tentoonstellingsruimte van de Fédération Wallonie-Bruxelles. Sint-Joost is ook een jazzgemeente. Als op de Leuvensesteenweg de winkeliers hun rolluiken hebben neergelaten, kom je terecht in een openluchtgalerij van schilderijen van jazzmusici, onder wie Manu Dibango. Maar het jazzhart van Sint-Joost klopt vooral in Jazz Station.
STARTPUNT : MADOU (METROLIJN 2, 6)